Verhalenvertellers met overtuiging

Met de onzekerheid van iemand die eens in de drie jaar met de trein reist stapte ik in: was dit wel de 2de klasse? Een blik op het interieur stelde mij gerust en ik nam plaats op de eerste vrije plek. Niet dat het druk was, maar op deze zitplaats had ik niemand naast me. Terwijl de trein vertrok pakte ik de Metro die iemand had achtergelaten. Een groot deel van het nieuws werd in beslag genomen door de aanstaande verkiezingen. Zei ik nieuws? Ik bedoelde de verwoording van bekende standpunten en tegenstelling tussen Samsom en Rutte, de spanningsloze strijd tussen Roemer, Wilders en Pechtold, het hopeloze opportunisme van Slob en Sap. Het te late inzicht van het CDA werd geïllustreerd door de afwezigheid in die editie, maar misschien had ik een over een treurtijding heen gelezen?  Het leek wel komkommertijd in de politieke journalistiek. Met een zucht legde ik de krant terug.

‘Het zijn illusionisten van een onbestaanbare toekomst.’

‘Sorry?’, reageerde ik verbaasd.

‘De politici, ze scheppen een toekomstbeeld dat niet zal uitkomen. We hoeven alleen in de recente geschiedenis te kijken om die waarheid te zien.’

‘Oh ja? De files zijn behoorlijk afgenomen, de export groeit en er zijn minder illega….’ Daarna viel ik stil. Het waren de enige wapenfeit die ik zo snel kon bedenken en de vragen, in hoeverre die door voorgaande kabinetten in gang waren gezet en of de oorzaak in de sterk veranderde economische situatie lag, drongen zich op.

‘Uit uw stilvallen maak ik op dat ik de groeiende werkeloosheid, ondermaats onderwijs en explosief stijgende zorgkosten niet hoef te noemen?’

Ik kon slechts instemmend knikken.

‘De door politici voorspelde uitkomsten die waarheid worden berusten voornamelijk op toeval.’

‘Toeval ? Ik neem aan dat de berekeningen van het CPB een deugdelijkere onderbouwing hebben als een kansberekening.’

‘Ze doen wat ze kunnen maar zijn slechts de rekenmeesters van een toekomst waar verandering buitengesloten is. Hun berekening is niets meer dan een voorspelling.’

‘Ik geloof dat ik het niet helemaal begrijp…’

‘De eurocrisis in Europa, een zeebeving die de kerncentrales van Fukushima verwoesten, de Arabische lente: het zijn de niet of nauwelijks onvoorspelbare zaken  die een sterke invloed hebben op de recente ontwikkelingen in Nederland.’

‘Dat is te makkelijk, het zijn de zaken waar je geen beleid op kunt voeren.’

‘Nee, maar  neem nou de recente discussie over de stijgende zorgkosten.’

‘Ja,’ zei ik hoorbaar verbaasd. ‘Dat is toch juist een punt waar ingrijpen  onvermijdelijk lijkt?’

‘Op het eerste gezicht wel. Alleen de eerste gepersonaliseerde medicijnen op basis van  genentest worden al toegepast. Hoe lang duurt het nog voor de geneeskunde daarmee effectiever en ook goedkoper wordt? Vijf jaar? tien jaar?’

‘Dat neemt niet weg dat…’ Ik kreeg de kans niet mijn zin niet af te maken.

‘En het overgrote  deel van de toegenomen zorgkosten ontstaan in iemands laatste twee levensjaren, de jaren waar ouderdomsverschijnselen en levensverlengende zorg elkaar ontmoeten. Hoe ver moeten we daar in gaan? Waarom hoor je daar de politici niet over?’

‘Dat begrijp ik wel, dat is niet allen politiek gevoelig, het is een ethische kwestie.’

‘En de oudedagsvoorziening:  zodra het evenwicht tussen het aantal mensen dat met pensioen gaat en de in Nederland beschikbare mensen die de vrijkomende arbeid kunnen invullen verstoort raakt, ontstaat daardoor dan geen nieuwe arbeidsmigratie? Moet de pensioenleeftijd niet meegroeien met de levensverwachting? Er ontstaat toch altijd een nieuw evenwicht?’

De trein remt af en ik besef dat het mijn halte is en sta op. ‘Interessante discussie, maar ik moet er hier uit.’

‘Het zijn verhalenvertellers met een overtuiging maar zonder visie. Je kan het de politici alleen niet teveel aanrekenen.’

Mijn aandrang om de tot stilstand gekomen trein te verlaten verloor het van mijn nieuwsgierigheid: ‘Waarom niet?’

‘Politici zijn slechts waarzeggers zonder voorspellende kristallen bol, daar verandert hun overtuiging niets aan.’

 

Terwijl ik over het perron liep bedacht ik dat ik vaker met de trein moest reizen: in de auto zou ik zo een gesprek nooit gevoerd hebben, laat staan met mezelf.

Be Sociable, Share!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *