Category Archives: Hamer

Hamer. Hoe het begint – Ontsnappen aan de werkelijkheid -

Het geluid van de zware luchthoorn overstemde het indringende lawaai van de ratelende dieselmotor en de suizende banden van de 20-tons vrachtwagen. Ik zag hoe het lichaam door de voorkant van de vrachtwagen gegrepen werd en alle botten in het lichaam verbrijzeld werden voor het, met achterlating van een bloedig spoor, onder de vrachtwagen getrokken werd. Het was een harde film waarbij niet geschuwd werd om in te zoomen, om de ontluisterende details in slow motion in de hoogst haalbare filmkwaliteit te laten zien. Ik kende de hoofdrolspeler; ik was het zelf. Ik weet niet waarom ik in beweging kwam. Empathie voor de chauffeur? Instinctieve overlevingsdrang? Mijn tweede voet stond nog niet op het trottoir of de vrachtwagen denderde op centimeters achter mijn rug langs. Ik wankelde onder de zuigende luchtklauwen van de vrachtwagen, alsof hij probeerde zijn prooi alsnog te grijpen. Zijn luchthoorn brulde mij een verwensing na.

Mijn hoofd was niet leeg. Het was een warrige brij. Losse gedachten, woorden en beelden flitsten door mijn hoofd zonder begin of eind. Het onmiskenbare diepe gegrom van de twee cilinders van een voorbijrijdende Harley Davidson was de verbinding met de werkelijkheid. Een auditieve reddingslijn in mijn apathische gedachtesoep. De herinnering aan betere tijden? Ik herkende de straat waar ik stond en begon te lopen. Hoe lang ik daar had gestaan? Geen idee!

Gisteren was ik eigenaar van een goedlopend bedrijf dat machines ontwikkelde en produceerde voor de fabricage van microchips en zonnecellen. Vandaag ben ik failliet. Correctie: mijn bedrijf is failliet. De financiële crisis was de voorbode geweest van de ondergang. …

 

… Vanochtend was de curator gekomen en had beslag gelegd en daarmee in feite mijn bedrijf overgenomen. ‘Geen zorgen,’ had de curator droog tegen hem gezegd, ‘volgens de wet vallen uw bed en beddengoed en dat van uw gezin buiten het faillissement. U kunt rustig thuis gaan slapen.’ Thuis slapen? Wist de curator dat hij een ironische grapjas was? Mijn aankomende ex was dat in ieder geval wel! Toen ik gisteravond thuiskwam stond er een voor mij vertrouwd duo voor de deur: zijn reiskoffer en -tas. Zij vertelde mij dat zijn huwelijk ook bankroet was, dat hij niet meer binnen hoefde te komen. Ik had niet eens de moeite genomen om te controleren of zij de sloten had laten veranderen. …

 

… Wat kan ik haar verwijten? Er zijn altijd minimaal twee mensen nodig om uit elkaar te groeien en daar was ik er een van. Onze relatie had ik alle ruimte gegeven om uiteen te vallen. De laatste twee jaar leefden we feitelijk alleen nog naast elkaar in hetzelfde huis. We deelden bank, bed en wederzijdse vrienden, maar echt samenzijn waarbij elkaars aanwezigheid genoeg was voor een grenzeloos geluksgevoel was een herinnering uit de eerste jaren van onze relatie; de tijd dat we nog verliefd waren. De jaren waarin het gezegde dat je aan een relatie moet werken om hem in stand te houden niet voor ons bestemd leek. De ruïne van mijn huwelijk was een nieuwe bevestiging van de waarheid van de volkswijsheid. …

 

‘Papa!’, riep de onbekende stem bevelend achter hem.

Ik draaide me om en keek stoïcijns naar de jonge meid die naar mij had geroepen. Ze stond ongeveer tien meter van me af, een puber met een ondefinieerbare leeftijd tussen de veertien en achttien jaar. Geen kind van de melancholische gothic cultuur of anarchistische punk. Ook geen zichtbare sporen van de in de grauwheid van de gereformeerde doctrine geketende jongeling, of een veelkleurig toonbeeld van wederopleving van de flowerpower. Nee, spijkerbroek met laaghangend kruis, afgedragen volgens ontwerp, frisse kleuren met boventoon van zwart; een “gewoon” modevolgend hiphop-streetdance-chillend kind. Het herfstbladrode haar en de bijpassende sproeten in het gezicht waren zo te zien wel van haar zelf. Wat wilde ze van mij?

‘Ooo…, sorry. Ik dacht dat u iemand anders was,’ sprak ze met hoorbare teleurstelling in haar stem.

“Ja, was ik maar iemand anders!”, schoot het door mijn hoofd. Zonder iets te zeggen draaide ik me om en liep verder. …

 

… ‘Wat ga je nu doen Patrick?’, vroeg Ingrid, nadat ze op een stoel had plaatsgenomen.

‘Op vakantie,’ hoorde ik mezelf tot mijn eigen verbazing zeggen. Vakantie was een vriendelijk eufemisme voor ontsnappen aan de werkelijkheid.

‘Vakantie?’

‘Weekje met de motor rondtoeren om mijn kop leeg te blazen. Misschien dat ik daarna logisch kan nadenken.’

 

Met een druk op de knop kwamen de cilinders van de Moto Guzzi grommend tot leven. De Stelvio produceerde een aangename diepe brom. Diepe bassen die op de grens lagen van het toegestane geluid. Ik trok mijn handschoenen aan, schakelde de motor in zijn eerste versnelling en reed kalm weg. Bij de hoek van de straat stak ik een hand op naar Ruud, een laatste groet. Terwijl de motor versnelde voelde ik de koude lucht die nog in de ochtendschemering heerste door het motorpak heen. Amper een uur later reed ik Duitsland binnen. …

1 2 3